Anti-annexatieoptocht 1932

Op zondag 29 mei 1932 nam de Jonkheid van Arensgenhout deel aan een grote anti-annexatieoptocht. Een protestoptocht tegen de zoveelste poging van Valkenburg om een deel van de voormalige gemeente Hulsberg in te lijven. Het grondgebied van Hulsberg reikte tot aan de Reinaldstraat. Zelfs een aantal van de woningen in deze straat viel bestuurlijk onder Hulsberg. De Arensgenhoutse Jonkheid bouwde voor deelname aan de optocht op een wagen een molen. Op het dak van de molen stond geschreven: ‘Hadt je me maar’. Hiermee doelde men op de Hulsbergse gebieden die Valkenburg wilde annexeren. Deze gebieden stonden op de wieken van de molen,. Het betrof de Nieuweweg, St. Ignatiuscollege (onderaan de Stoepertweg), Station Valkenburg en de Wehryweg. De wagen werd getrokken door vier paarden. Vertrokken werd vanaf de achterkant van de boerderij Kampstraat 13 in Arensgenhout richting het gemeentehuis aan het Wilhelminaplein in Hulsberg. De boerderij was de woning van burgemeester A. Kerckhoffs van Hulsberg. Aan de achterkant van de boerderij, de huidige Kleingenhoutersteeg 1, lag een schuur van de hoeve.

Voor het gemeentehuis volgde niet alleen de opstelling maar werden de deelnemers ook toegesproken door burgemeester Kerckhoffs. Alle plaatselijke vereniging namen deel aan deze protestoptocht. Fanfare St. Caecilia uit Hulsberg zorgde voor de muzikale opluistering van de tocht. Voor het Station van Valkenburg, ook Hulsbergs grondgebied, werd de anti-annexatie-optocht ontbonden.

Al in 1799 ten tijde van de Franse overheersing werd door Valkenburg aangedrongen op uitbreiding van de bestaande grenzen. De pogingen herhaalden zich in 1855 en 1883. Een beperkt plan van de gemeente Valkenburg in 1919 vond geen genade bij de regering. In 1920 kwam Gedeputeerde Staten met een rigoureus plan. Samenvoeging van Valkenburg met de hele gemeente Houthem, Berg en Terblijt, Oud Valkenburg en deels Schin op Geul en Hulsberg. Het resterende deel van Hulsberg en Schin op Geul zou dan samen met Klimmen en Wijnandsrade de gemeente Hulsberg-Klimmen gaan vormen. Tegen dit plan verzette zelfs Valkenburg zich omdat zij vonden dat hun hoofdbron van bestaan het Vreemdelingenverkeer niet meer gegarandeerd was. In 1925 volgde nog een plan dat niet veel afweek van het plan uit 1919 en het daarom niet haalde. In 1929 probeerde Gedeputeerde Staten van Limburg het opnieuw. Tegen dit plan ageerden slechts de gemeente Hulsberg en Houthem. Als wij twee ingezonden brieven in De Limburger Koerier van 12 en 25 september 1929 mogen geloven had een groot deel van de Hulsbergenaren die woonden in het annexatiegebied vrede met een inlijving door Valkenburg . Het plan van Gedeputeerde Staten werd echter niet in behandeling genomen omdat inmiddels de Gemeentewet gewijzigd was ten opzichte van annexatie. Het hele traject van planning, inspraak en besluitvorming moest worden overgedaan. In 1932 kwamen de plannen weer op de politieke agenda. Op zondag 28 februari 1932 werd in de zaal van de Boerenleenbank een vergadering gehouden waar burgemeester Kerckhoffs voorzitter van den ‘dubbele raad’ de nadelen van een annexatie nog maar eens een keertje uit de doeken deed. De belangstelling was groot en de zaal te klein. Het voorstel van Dhr Packbiers, voorzitter van de plaatselijke boerenbond en lid van de ‘dubbelen raad’, om een optocht te houden werd bejubeld. De ‘dubbele raad’ was een commissie samengesteld uit ingezetenen van de gemeente met als doel een advies uit te brengen met betrekking tot de annexatieplannen. Dhr F Heiligers sprekende namens de arbeiders wilde naast de ‘dubbelen raad’ ook graag een anti-annexatie-comité in actie zien. Dit comité kwam er en onder andere de protestoptocht werd door hen in goede banen geleid. De anti-annexatie-optocht moest nog eens de enkele weken eerder ingestuurde bezwaren van den dubbele raad en de gemeenteraad onderstrepen. Dan wordt het even stil. Maar in 1937 richt het college van Gedeputeerde Staten zich wederom tot de betrokken gemeenten en worden zij als zondanig gehoord. In de decembervergadering van een nieuw gevormde ‘dubbele raad’ kwam opnieuw een voorstel voor het houden van een anti-anexatiedemonstratie. In maart 1938 wordt opnieuw een anti-anexatie-comite in het leven geroepen. Met als voorzitter dhr L Backbier en secreatris Eug. Pennings. Zij belegden op 4 april 1938 een vergadering waarin een protestmotie ter ondertekening werd voorgelegd en naar Gedeputeerde Staten van Limburg gestuurd. Maar nieuwe argumenten leverde het jarenlange verzet niet op. Een tweede protestdemonstratie kwam er niet. Op 21 september 1938 bracht minister Boeyen (minister van binnenlands zaken in het kabinet Colijn IV) een bezoek aan Valkenburg. Op vrijdag 23 september 1938 volgt er een laatste hoorzitting met de betrokkenen in het Gouvernement te Maastricht. Op 15 november 1938 stuurt de provincie naar alle betrokken partijen het wetsontwerp met het voornemen de annexatie op 1 januari 1940 van kracht te laten zijn. Geen enkele laatste wens van de betrokken gemeenten werd in het plan nog meegenomen. Naar aanleiding van de Hulsbergse gemeenteraadsvergadering meldt de Limburger Koerier op 30 november 1938 dat Hulsberg als compensatie Klimmen en Wijnandsrade wil annexeren om zo een sterke landbouwgemeente te krijgen. (Een optie die een jaar eerder, maar ook in 1920, al ter sprake kwam). Tevens geeft men aan een laatste poging te willen wagen bij het provinciebestuur om alles bij het oude te laten of op zijn minst Ravensbosch te behouden en mogelijk de spoorlijn Maastricht – Aken als grens te nemen. Maar ook deze poging strandt. De datum van 1 januari 1940 wordt niet gehaald. Op 24 april 1940 even voor het uitbreken van de oorlog wordt het wetsontwerp ongewijzigd ingediend bij de Tweede Kamer. Als ingangsdatum wordt nu genoemd 1 januari 1941. Bij beschikking van 30 augustus 1940 van de secretaris generaal van het Departement van Binnenlandse Zaken mr K.J. Frederiks wordt uiteindelijk bepaald dat ingaande 1 oktober 1940 de gemeentegrenzen van Valkenburg worden verlegd overeenkomstig het wetsontwerp. De hoogste ambtenaar mr K.J. Frederiks had de bevoegdheid om dergelijke ontwerpen tot wet te verheffen. Het kabinet De Geer II week drie dagen na de Duitse inval op 13 mei 1940 uit naar Engeland. Mede gelet op het tijdstip en de periode waarin het plan werd gemaakt en uiteindelijk leidde

 

 

 

 

 

tot een wetsontwerp en besluit kan de Duitse bezetter nauwelijks invloed hebben gehad op het plan en de democratische besluitvorming . De inspraak, de besluitvorming inclusief het indienen van een wetsontwerp verliep in een vrij Nederland en werd ongewijzigd in werking gesteld in een bezet Nederland. Wel werd in de Hulsbergse gemeenteraadsvergadering van 12 maart 1948 een brief ter sprake gebracht van een ‘observator’ die de gemeenteraad in overweging gaf om de onder dwang van de bezetter uitgevoerde grenswijzigings-beschikking 1940 nietig te doen verklaren. Maar meer dan dat was er niet. Deze annexatie werd politiek bestuurlijk niet meer opgepakt. Ravensbos(ch), Sittarderweg en Stoepertweg, voorlangs het café van Camping De Bron dat in 1937 werd gebouwd, werd de grens tussen Arensgenhout en Valkenburg. Het Heierveld (Hoeve Heihof) werd niet geannexeerd. Wel werd op 1 juli 1941 de naam van de nieuwe gemeente officieel gewijzigd in Valkenburg-Houthem.

Bronnen o.a. Limburger Koerier/Limburgsch Dagblad/Politiek en Parlement.
Klik op de foto’s voor een vergroting.
Klik op de tag Annexatie voor alle berichten over annexaties waarbij Arensgenhout betrokken was.